Het tweede deel van de reis door de VS
Dit is het verslag van het tweede deel van onze reis door de VS. Als je deel 1 nog niet gezien hebt kun je daar beter mee beginnen. We zijn inmiddels in onze 11e staat. We vlogen naar Illinois, pikten de camper op in Indiana en reden in de eerste helft van deze maand door Kentucky, Tennessee, Arkansas, Oklahoma, Texas, New Mexico, Arizona en Nevada. Deze blog begint in Nevada en eindigt in California.
De 15e worden we wakker op een mooi afgelegen parkeerplaatsje één dal verder dan de Red Rock Canyon. We zijn hier gisteren in het donker en in de sneeuw naar toegereden. De sneeuw is weer helemaal verdwenen en het is prachtig weer. We vertrekken na het ontbijt weer richting het westen.

We rijden naar Death Valley, de warmste plek op aarde, en zien onderweg nog best wat kou om ons heen.

Dan komen we in een stadje (Pahrump) waar de benzine nog redelijk geprijsd is. We betalen hier $ 2,89 per gallon en dat zal verder naar het west alleen maar duurder worden. Dan gaat het naar zo’n 4 tot 6 dollar per gallon. Om de één of andere reden is het in het westen flink duurder.

We waren zonet in de binnenstad en nu in de buitenwijken van de stad. Zo’n stadje is zomaar 30 mijl lang.

Dan rijden we door richting Death Valley en komen op een kruising van twee wegen. Dat is hier in de dessert van oudsher kennelijk een aanleiding geweest een stadje te bouwen. En nu weer te verlaten. Het is een ghost town.

Op zo’n kruising hebben die Amerikanen trouwens een heel grappig voorrangssysteem. Alle poten van de kruising hebben een stopbord. Iedereen moet dan ook stoppen en dan mag de eerste die stilstond als eerste weer verder. Werkt heel soepel, maar het is dan ook eigenlijk bijna nooit druk.

Aan de weg naar Death Valley ligt een “verlaten” rv camping. Gratis en dus nu niet meer verlaten, maar keurig voor elkaar met vlakke betonplaten om op te staan.

Het bergje rechts voor onze camper (vorige foto) ziet er van dichterbij zo uit. We willen natuurlijk naar de top. We maken een grote omtrekkende beweging en klimmen dan naar de top.

Dit is zijn dan de plantjes die kennelijk weten te overleven in deze gortdroge vulkanische omgeving.

En deze. Droge roodachtige plantjes.


En iets enorm wits. Ook gortdroog.

En iets met witte “bloemen”.

En dit is het uitzicht vanaf de top.

Een blik over het kampeer terrein. Die in het cirkeltje is die van ons.

De 16e rijden we echt Death Valley in.

We stoppen bij een uitzicht en wandelpunt “Zabriskie point”.

Wonderlijke kleuren en vormen.

De parkeerplaats met links ons campertje.

We gaan een rondje van een kilometer of 6 lopen.


Daar boven op de bult het Zabriskie uitzichtpunt.

Daarna gaan we door naar de bodem van de vallei. Dat lijkt op ijspret.

We zitten hier op ruim 85 meter onder zee niveau en dit is de enige plek in deze droge vallei waar water kan bestaan. Alleen is de bodem zo zout dat zodra het een beetje begint op te drogen er een grote zoutvlakte ontstaat.


Let op de plaats van dat omcirkelde bordje.

Dat is wat er op staat.

Dan gaan we door naar een grote oase in deze vallei.

Het is wel een eindje rijden.

Daar is ie dan.

Gek genoeg is juist hier in deze grote droge toestand een stort station om de vuilwatertanks te legen en een waterslang om de watertank te vullen. Eerst de troep maar even kwijt.

En dan een stationnetje verderop de watertank weer vullen.

In deze oase staat ook het visitor center. In de zomer kan het hier dodelijk warm worden, maar in dit seizoen is het juist lekker.

Binnen wordt het nodige uitgelegd over deze omgeving.

We rijden verder naar het westen en komen langs deze historische plek.

Hier werd in het verleden Borax gemijnd. Dit was een fabriekje waar het verder werd geconcentreerd zodat er minder volume en gewicht hoefde te worden getransporteerd.

Weer honderd kilometer verderop is een bijzondere plek waar door de heersende winden en windschaduw duinen ontstaan. Hier verzamelt zich al het losse zand uit deze omgeving.

We rijden de hoofdvallei uit door over een 2.000 meter hoge bergpas te rijden en parkeren op een kleine campercamp in de volgende vallei.

De volgende dag rijden we verder naar het westen en komen in deze grote leegte ineens een stadje tegen. Hier worden nog steeds mineralen gewonnen en daardoor ontstaat dan een stadje.

Het is nogal een troep en een groot gedeelte van de stad is ook al weer verlaten. Even verderop passeren we de grens tussen Nevada en Californië en zijn we in onze laatste staat van deze reis.

We doen boodschappen in Ridgecrest en rijden dan door naar Victorville waar we weer eens benzine tanken en bij de Cracker Barrel gaan staan voor de nacht. De 18e rijden we naar Los Angeles. We moeten eerst nog een gebergte over (eigenlijk zuid langs deze bergen door een lager gedeelte). In dit gebied zijn wintersport centra. We zien ook vele auto’s rijden met snowboards op het dak en zo.

Dan komen we in de buitenwijken van Los Angeles. Dat begint weer met van die stacaravan huisjes.

We zitten weer op route 66. Het laatste stuk ervan.

En tegelijk zijn we ook weer een beetje in Nederland.

Wat dichter bij de stad worden de huizen fraaier.


We zien in de verte het Hollywood teken op een berg staan.

We gaan voor de nacht net noord van het oude centrum in een sportpark staan. We wandelen een rondje en zien dit beestje in de boom zitten. Is het Knabbel of Babbel?

De volgende morgen beginnen we met een rondje door downtown LA.

Kijk, flinke wolkenkrabbers. Het probleem van dit soort megasteden is dat je er zonder auto niets kunt. Er is niet een gezellig centrum waar je even door kunt wandelen en vrijwel alle parkeerplaatsen zijn onder de grond en te laag voor onze camper.

Daarom moeten wij onze stadsbeleving beperken tot het er door rijden.

Na de binnenstad rijden we naar Beverly Hills.

Deze dingen zie je hier ook echt rijden.

De huizen worden ook weer wat groter.

Net als in Nederland staan ze op te kleine kavels. Soms de dakranden zo’n beetje tegen elkaar aan.

We rijden naar Griffiths park en lopen naar de telescoop.

In het testament van meneer Griffith stond dat het park en de telescoop voor altijd gratis voor publiek toegankelijk moest blijven, dus daar maken we dan maar even gebruik van.

En dan heb je een prachtig uitzicht over de stad. Dat met die wolkenkrabbers is downtown, waar we net doorheen reden. We hebben er ongeveer twee uur over gedaan om hier te komen.

Vanaf het gebouw is ook het Hollywood bord te zien.

Dit is één van die telescopen in de kleine bolletjes.

We lopen weer terug naar de camper en horen overal van alles ritselen in de bladeren. Blijken er heel veel van deze beestjes te zijn.

Overal hier zie je deze idioot hoge palmen.

We gaan naar het Santa Monica strand.

Daar is net zo’n pier als in Brighton (UK) was, maar nu die is afgebrand moeten we hier maar even heen.

De politie (met als bewapening een surfplank op het dak) rijdt hier zelfs op de pier in de auto.

Het uitzicht op de pier.

Het uitzicht vanaf de pier.


Dan rijden we langs de kustweg naar het noorden, maar worden omgeleid weer wat naar het binnenland. We komen door het gebied waar enkele maanden geleden die niet te blussen branden woedden. Nou, er is heel veel kapot. Overal wordt puin geruimd, wegen gerepareerd en zo.

Heel vreemd is ook dat er hier en daar een haast onbeschadigd pand tussen de volkomen puinhoop staat.

Zo’n 20 kilometer verderop (we hebben intussen aldoor tussen de verbrande panden doorgereden) komen we weer op de kustweg. Ook daar is het niet best. Pas nog eens 20 kilometer verderop is het weer normaal.

We staan die nacht langs de kant van een landweggetje, iets van de kust af, in de bergen. We kijken goed om ons heen of er niets brand…. De volgende morgen vervolgen we onze weg langs de kust naar het noorden en komen door enorme landbouwgebieden.

We stoppen even in Oxnard voor een paar boodschappen en wat site seeing. De jachthaven.

We horen vreemde geluiden. Blijken er aan de overkant zeeleeuwen te liggen.


Het strand.

Strandhuizen.

Wonen aan het water.

Daarna gaan we nog een kleine honderd kilometer noordelijker en rijden dan de bergen in voor een sta-plaats met uitzicht.

Heerlijk weer en een fantastisch uitzicht.

Dat in de zon zitten verveelt snel dus een wandeling. We hebben inmiddels een buur gekregen.

Deze wou ook graag uitzicht.

We lopen naar een grot met wandschilderingen.


Ik vind strak wit toch mooier, maar ja.

En een prachtige zonsondergang met uitzicht. 19.37 lokale tijd, dus 03.37 Nederlandse tijd.

En nog een uurtje later.

De volgende morgen rijden we de berg weer af. Beetje kleine weggetjes voor zo’n rijdend paleis (we moeten in sommige haarspelden een paar keer voor en achteruit) maar het gaat.

Dan komen we een klein recreatieparkje tegen. Kost een tientje, maar met onze nationaal park pas komen we er gratis in. We lozen de tanks en vullen de watertank en lopen even een rondje.

Er is een mooi meer bij.

En overal zien we deze beestjes.

Dat zijn ground squirrels. Eekhoorntjes die de bomen niet in komen, maar holletjes in de grond maken.

Na het wandeltje rijden we verder naar het noorden. We rijden door een enorm landbouwgebied. Enorme akkers en kassen.

We parkeren voor de nacht bij zo’n Harvest Host plek bij een kerk. We gaan alleen naar de kerken want daar kun je ongestoord staan. De Breweries en Wineries willen je ontvangen en rondleiden en natuurlijk wat aan je verkopen, de kerken laten je met rust. Achteraf hadden we dit abonnement niet hoeven nemen, er zijn genoeg andere gratis plekken.

De volgende morgen (22e) rijden we weer verder. Onderweg flink wat jaknikkers.

En enorme akkers. Er gaat flink wat water door.

We gaan naar het Pinnacles national park. We moeten zo’n twee uur in de rij staan voor we binnengelaten worden (het is zaterdag en het park is vol?!?!?!). Als er een auto uit komt mag er een nieuwe in. We doen een wandeling, eerst door grotten en later over bergen.

Eigenlijk zijn het geen grotten, maar de openingen tussen enorme stenen die uit de lucht zijn komen vallen bij een vulkaan uitbarsting.

Kijk, hier is er één tussen een paar grote andere terecht gekomen. Kijk voor de schaal naar de mensen die er onderdoor gaan.

Dan komen we bij een klein meertje. Hier is een zeer sociale ground squirrel die zich graag laat fotograferen.

Iets moeilijker te fotograferen zijn deze condors die hier mooie rondjes draaien op de thermiek.

Wat lager hele mooie bloemetjes.

En onwaarschijnlijk grote dennenappels.

Wie deze gaten hebben veroorzaakt weet ik niet, maar die wil je niet in je houtskelet huis!

We parkeren voor de nacht op een parkeerplaatsje 3 mijl verderop buiten het park. Er is een camping in het park, maar daar moet je dan 59 dollar voor betalen om op 5 meter van je buren te mogen staan.

De volgende morgen rijden we verder richting San Francisco. Weer veel landbouw onderweg. Hier eindeloze velden met aardbeien.

We rijden naar de kust en wandelen een stukje in Kirby park langs een waddengebiedje.

Daarna weer verder naar het noorden. Dit noemen we een google-tje. We rijden aldoor op prima ruime wegen en ineens moeten we van google linksaf en belanden in een miniweggetjes bos met korte bochten en zeer steile stukken. Was waarschijnlijk in googles berekeningen 3 minuten sneller of zo. Wel mooi, maar een beetje krap voor onze camper.

We parkeren op een doodlopend stukje weg voor de nacht. Dit soort plekken vinden we meestal op de park-for-night app.

De volgende ochtend weer van dit soort weggetjes, maar dat is niet anders want we willen naar Los Trancos Preserve. Dit ligt op een breuklijn en er zijn vele hiking trails.

Eerst naar het uitzicht punt. We zouden hier de breuklijn moeten kunnen zien maar die zal wel helemaal onder gegroeid zijn. Wat we wel zien in de verte is de enorme baai van San Francisco.

Hier het bordje met wat wel en niet mag. We mogen alleen wandelen of paarden en dat met een speedlimit van 15mph dus 24km/u. Dat is best hard lopen. Als we dan iemand inhalen die bijvoorbeeld 10mph loopt mogen we niet harder dan 5mph. Komen we er mooi niet voorbij…… Verder moeten we oppassen voor de berg leeuw!

Enorme holle boom.

Mooie bloemetjes.

En ik weet niet of het iets met die breuklijn te maken heeft, maar de bomen hebben hier een beetje moeite met rechtop staan.

We rijden na de wandeling naar San Jose / Silicon Valley. We parkeren voor de nacht in een rustige straat.

We lopen even naar downtown waar een gedeelte van de tech-reuzen gevestigd is.


Ondanks dat het 29 graden is zie je weinig mensen op straat en zijn er geen gezellige terrasjes en zo.

Mooi contrast.

Een woonwijk.

25 maart, onze laatste overnachtingsplaats met de camper. Op een parkeerplaats van een groot park / sportcomplex. Het is 29 graden en strakblauw. Morgen moeten we de camper inleveren en hebben we nog een dagje om downtown San Francisco te bekijken. Donderdag vliegen we weer naar Nederland.

De volgende morgen legen we de vuilwatertanks, vullen de LPG tank (koken, warmwater en verwarming, ca. € 40) en de benzine tank en rijden naar Roadbear en leveren de camper in.

Dit was in grote lijnen onze route de afgelopen 4 weken. In het totaal hebben we 3.900 mijl (6.250 km) gereden en voor € 1.195,- benzine verstookt (dus € 0,19 per kilometer). Dat valt eigenlijk nog wel mee voor zo’n bakbeest.

We moeten nog een uurtje wachten op de shuttle naar het hotel en in die tijd komen er nog een stuk of 5 campers binnen. Allemaal Nederlanders die hetzelfde hebben gedaan als wij, al hebben ze allemaal verschillende routes gereden.

En dan worden we met de shuttle naar het hotel gebracht.

We zetten onze spullen in de kamer en nemen de bus naar downtown. En daar zijn dan de wolkenkrabbers.


Het ferry station aan de baai.

En allemaal mooie oude trammetjes die ook echt gebruikt worden.

Rondvaartboot.

En de Golden Gate Bridge.

Een zeeleeuwen hotel.


Het gevangenis eiland Alcatraz. Tot 1963 is het een gevangenis geweest en sinds 1973 een toeristische attractie.

Een mooie rij rondvaartbootjes.

Net buiten de wolkenkrabber zone zien de huizen er zo uit. Meest houtbouw met allemaal erkertjes.

De uit vele films bekende cable car in Powell Street. Dit minitrammetje klimt langzaam de berg op en wordt aangedreven door een in het wegdek weggewerkte staalkabel waaraan hij aanhaakt.

China town.

Na ca. 12km door de stad wandelen hebben we wel genoeg gezien en nemen de bus terug naar het hotel. We hebben morgen een hele lange reis voor de boeg dus gaan we op tijd slapen.

Na een wonderlijk ontbijt van wafels, lasagne, brownies, toast (want dat brood is niet te eten) en roerei met worstjes, worden we met de shuttle naar het vliegveld gebracht en begint het wachten en reizen.

De vlucht duurt bijna 10 uur naar Frankfurt en dan weer 2,5 uur wachten, dan 1,25 uur naar Schiphol en dan 2,5 uur treinen naar Winsum, dan nog 15 minuten met de auto. Je vliegt tegen de tijd in dus je gevoel voor tijd is raar. We vertrekken om 15.45 en komen dan voor ons gevoel om 01.30 in de nacht aan in Frankfurt, maar het is daar dan 09.30 in de ochtend……..

Net na het opstijgen uit Frankfurt. Nog een kleine 4 uur reizen voor de boeg en dan is deze reis voorbij.

De dagen daarna pakken we onze koffers uit, doen de was, maaien het gras, gaan even bij de Madness kijken en dan is de maand al weer om. We kijken terug op een prachtige reis. We hebben ontzettend veel gezien en gedaan. Als je ook zo’n reis wil maken moet je eens bij Doets reizen informeren naar wegbreng campers. De fabriek van deze campers staat in Elkhart (bij Chicago) en de splinternieuwe campers moeten dan naar een verhuur locatie worden gebracht tegen een zeer laag huur tarief. Wij betaalden voor deze reis € 4.200, plus benzine, plus € 200 voor extra mijlen en gebruik van de generator en daarnaast natuurlijk de boodschappen en nationaal park kosten en dat soort dingen. Je betaald in de reissom natuurlijk ook de vliegreis, het hotel bij aankomst en voor vertrek en de transfers tussen vliegvelden en hotel en hotel en fabriek / verhuur locatie. Als je de geschatte kosten daarvan aftrekt van de totale reissom blijkt dat je erg weinig huur voor de camper betaalt. In onze groep waren wegbrengtrips naar San Francisco, Las Vegas, Los Angeles en ergens in Florida. Volgend jaar maar eens zien of we ook zoiets in Canada kunnen doen. Nu eerst maar weer eens een maandje in Nederland. Eind april zullen we de volgende blog plaatsen.
Super mooie reis! Leuk om jullie zo te volgen.
Tja, ook een fordje. Deze rijdt wel een beetje minder goed dan die van jullie denk ik. Twee handen aan het stuur en aldoor een kwartslag naar links en rechts om rechtuit te gaan…..
Wat een prachtige reis hebben jullie gemaakt!
Ja, dat was het. Ook iets voor jullie?